GRATIS ADVIES van onze advocaten?
Bel: 0800-2202200 of vul ons contactformulier in

Uitspraken rechter

Er zijn tal van rechterlijke uitspraken waarin de aansprakelijkheid van de werkgever voor uitglijden of struikelen aan de orde komt.
 
Wasserijmedewerker glijdt uit in plas water - Hoge Raad 110408/JA08146 -
 
Vendrig drijft een chemische wasserij die zich bezighoudt met het wassen van bedrijfskleding voor de voedingsmiddelenindustrie, werkplaatsen en industriële bedrijven. Een wasserijmedewerker in dienst van Vendrig is in de uitoefening van zijn werkzaamheden uitgegleden in een plas water en ten val gekomen. Op dat moment droeg de werknemer door de werkgever ter beschikking gestelde veiligheidsschoenen. Als gevolg van het hem overkomen ongeval is zijn rechterhand zodanig verwond dat verwacht moet worden dat hij gedurende de rest van zijn werkzame leven arbeidsgehandicapt zal zijn. De werknemer heeft de werkgever aangesproken voor zijn schade. De kantonrechter en het hof hebben de vordering afgewezen omdat ze van oordeel waren dat de werkgever erop had mogen vertrouwen dat de aan de werknemer ter beschikking gestelde veiligheidsschoenen een in de gegeven omstandigheden afdoende middel zouden bieden tegen het risico van uitglijden De Hoge Raad overweegt echter als volgt. De wettelijke zorgplicht van de werkgever voor de gezondheid en veiligheid van de werknemer (art. 7:658 lid 1 BW) vereist een hoog veiligheidsniveau van de betrokken werkruimte, werktuigen en gereedschappen, alsmede van de organisatie van de betrokken werkzaamheden; bovendien dient de werkgever het op de omstandigheden van het geval toegesneden toezicht te houden op behoorlijk naleving van de door hem gegeven instructies, en op behoorlijk onderhoud van werkruimten en materialen. Het gaat erom of de werkgever voor het verrichten van de arbeid zodanige maatregelen heeft getroffen en aanwijzingen heeft gegeven als redelijkerwijs nodig is om te voorkomen dat een werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade zou lijden als gevolg van een val door gladheid, ontstaan door waterplassen die in een wasserij ook volgens de werkgever nu eenmaal niet zijn te voorkomen. De omstandigheden dat de werkgever ter afwering van dit gevaar een veiligheidsmaatregel heeft genomen (het ter beschikking stellen van veiligheidsschoenen die mede ertoe dienden om uitglijden te voorkomen) brengt nog niet mee dat de werkgever zich van zijn voormelde verplichtingen heeft gekweten of dat het treffen van andere meer effectieve, maatregelen met hetzelfde doel (het leggen van rubberen matten) niet van hem kon worden gevergd. Mede in aanmerking genomen dat de werknemer onweersproken heeft aangevoerd dat het aanbrengen van rubberen matten een eenvoudige en geëigende veiligheidsmaatregel was tegen het gevaar van uitglijden in een plas water, berust het oordeel van het hof – en dus ook de kantonrechter - op een onjuiste rechtsopvatting.
 
Winkelmedewerkster supermarkt glijdt uit over uisnippers – Gerechtshof Arnhem 221105/JAR0613 -
 
In deze zaak betreft het een medewerkster van Albert Heijn die stelde dat haar een bedrijfsongeval overkwam doordat zij tijdens haar werkzaamheden uitgleed over uisnippers of visresten die op de vloer lagen rond een haringkraam in de supermarkt. Zij liep hierdoor letselschade op en stelde Albert Heijn aansprakelijk. De kantonrechter wees werkneemsters vordering tot schadevergoeding toe. Albert Heijn ging echter in hoger beroep bij het gerechtshof. Het hof oordeelde op basis van de afgelegde getuigenverklaringen ervan uit te gaan dat werkneemster inderdaad over uisnippers of visresten is uitgegleden en daardoor ten val is gekomen. Het hof oordeelde verder dat haringverkoop vanuit een kraam in het supermarktfiliaal, waarbij aan het winkelend publiek de mogelijkheid wordt geboden de haring - al dan niet met bijgeleverde uisnippers - direct in de supermarkt op te eten, het risico meebrengt dat de vloer sneller vervuild raakt dan anders. Daarmee neemt het gevaar van uitglijden op die vloerdelen toe. Het hof vond weliswaar dat de werkgever niet gehouden is de vloer bij de viskraam voortdurend en absoluut brandschoon te houden. De werkgever moet echter gedurende de periode dat op deze wijze haring in het filiaal wordt verkocht, wel extra oplettendheid betrachten op het schoonhouden van die vloer en daartoe extra toezicht uitoefenen. Albert Heijn heeft echter de vloer rond de haringkraam en de route die het publiek na de koop bij de kraam in het filiaal afgelegd slechts overeenkomstig de (algemene) schoonhoudinstructie voor de totale winkelvloer schoongehouden, derhalve zonder extra oplettendheid en zonder extra toezicht op de naleving daarvan. Het hof achtte daarom Albert Heijn aansprakelijk voor het bedrijfsongeval en de hieruit voor werkneemster voortvloeiende letselschade.
 
Terug naar uitglijden of struikelen